|
L.S.,
Het thema van deze BRES is ‘Wetenschap en religie’. Maar welke wetenschap? Neem de theologie. De meeste theologen hebben God inmiddels afgeschaft. Wat zou God daarvan vinden? Ik hoor het God haast zeggen: ‘Dank je de koekoek – natuurlijk besta Ik niet alleen maar voor de ratio. Met de ratio ben Ik echt niet te bewijzen. Wat een hoogmoed van de mens dat hij denkt dat dit mogelijk is. Het verstand alleen is immers beperkt. Dat zei jullie eigen Immanuel Kant toch zelf!’ En heeft René Descartes niet gezegd dat het bestaan van God het enige is waar hij zeker van is, terwijl hij aan al het andere kan twijfelen? Het lijkt wel alsof de spanning tussen God en (natuur)wetenschap niet zo zeer bepaald wordt door inhoud, maar door kentheoretische vragen. Moet God of het bovenzinnelijke eigenlijk wel bewezen worden op een (wetenschappelijke) rationele manier? Bestaat God anders niet? Zoals Maarten Meester in deze BRES zegt: het goddelijke is net zo min rationeel te bewijzen als de liefde. Toch twijfelt niemand aan de liefde!
Of neem de natuurwetenschappen. De natuurwetenschap geeft weliswaar verklaringen voor de werkingen van de natuur (of de schepping), maar op het ‘waarom’ daarvan heeft ze geen antwoord. Wat is eigenlijk het verschil tussen de ‘big bang’ en de Schepper-God? Zijn dat niet slechts twee ‘talen’ voor hetzelfde? Heeft iemand ooit de ‘big bang’ gezien? Waarom begon iets of iemand ooit zijn/haar/de oerknal? Hier zijn geen antwoorden meer. Slechts min of meer bevredigende speculaties – en daarin verschilt wetenschap niet van religie, schrijft Olav Boelens.
Voorbij de oerknal en het begin van de schepping lijken wetenschap en religie één. Over het waarom van het Knallen of het Woord (Johannes I) geven alle godsdiensten eenzelfde soort van antwoord: omdat God wilde dat hij gekend zou worden en omdat God liefde is. Dat is mooi, dat is (misschien) niet rationeel, dat is wel bevredigend!
John van Schaik
|
|
Laatst geupdate op ( donderdag 11 februari 2010 )
|